Klein vaarbewijs
een klein vaarbewijs is vereist voor het voeren van
- een schip met een lengte van 15 meter of meer dat niet bedrijfsmatig gebruikt wordt;
- een schip met een lengte tussen de 15 en 20 meter dat bedrijfsmatig gebruikt wordt of daartoe is bestemd;
- een motorboot met een lengte van minder dan 15 meter die een snelheid van meer dan 20 kilometer per uur kan bereiken (speedboten maar bijvoorbeeld ook jetski's of waterscooters);
- een sleepboot of duwboot (die niet wordt gebruikt om een schip met een lengte van 20 meter of meer te slepen, langszij mee te voeren of te duwen).
Er zijn weer twee typen klein vaarbewijs:
- Klein vaarbewijs I: vaarbewijzen voor rivieren, kanalen en meren, dat wil zeggen: de binnenwateren met uitzondering van de Westerschelde, de Oosterschelde, de Waddenzee, de Eems, de Dollard, het IJsselmeer, het IJmeer en het Markermeer met uitzondering van de Gouwzee.
- Klein vaarbewijs II: vaarbewijzen voor alle binnenwateren.
Zoals al uit de term Binnenvaartwet blijkt, zijn deze vaarbewijzen niet noodzakelijk op Volle zee; op kleinere schepen is daar geen enkel examen vereist (wel om de haven in- en uit te varen).
Vacatures:
Nieuws:
- 16/1 Eerste cursus Nautis..
- 6/10 Eerste certificaten ..
- 27/9 Kantoor Zwijndrecht ..
- 9/9 SwetsODV blijft bedi..
- 22/8 SwetsODV vertegenwoo..
